Doe-markt voor statushouders
De wie-wat-waar voor integratie

Een gezellige drukte, kraampjes van Vluchtelingenwerk Nederland, het Taal Informatie Punt en andere organisaties, basketbal en hapjes van de barbecue: de Doe-markt voor vluchtelingen in De Havelaar op 27 juni was een groot succes. Wat bracht de bezoekers naar De Havelaar? En wat vonden zij ter plaatse? Maryam, Mahmoud, Sarah en anderen laten er hun licht op schijnen.

Tekst en fotografie: Angélique Derks

Een vriend vertelde hem toevallig over de Doe-markt: Yassin komt gewoon even langs. Hij is vooral geïnteresseerd in de informatie over taal en activiteiten voor vrouwen. In het dagelijks leven is hij verslaggever. Hij loopt verder langs de kraampjes in De Havelaar, ingericht met folders, bedrukte tassen, sleutellinten.

“What’s it all about?” vraagt Sarah uit Uganda. Haar contactpersoon van VVN -Vluchtelingenwerk Nederland- wees haar op de Doe-markt. Bij binnenkomst heeft ze direct geïnformeerd naar mogelijkheden om de taal te leren, een medewerker van De Havelaar doet nu navraag. Sarah kijkt zoekend rond. “Ah, het zijn verschíllende organisaties!”, klaart ze op. Dan blijft ze nog even. Fietsen wil ze ook leren, ‘riding the bike’.

Mahmoud, vluchtelingenactivist, kent de geboden informatie. “Voor statushouders zijn dit vertrouwde organisaties,” zegt hij in het Engels. Net als Yassin is hij geïnteresseerd in taalactiviteiten en mogelijkheden voor vrouwen. Via Turkije, Libanon en Griekenland is hij uit Syrië naar Nederland gekomen. In Griekenland had hij ook asiel kunnen aanvragen, maar er was niet eerder een afspraakmogelijkheid dan in 2025 – dat duurde hem te lang. Nu werkt hij voor de IOM, de International Organisation for Migration die een vestiging in Nederland heeft.

Mahmoud stapt op een vriend af, ze schudden elkaars hand.

Het slenteren langs de kraampjes stopt even – Nafiss Nia heeft het woord. De uit Iran afkomstige dichter, filmmaker en cultureel ondernemer kwam zesentwintig jaar geleden naar Nederland. Ze miste de geuren van haar land, de sfeer, de groenteboer, maar besloot: ik ga iets doen. En dat was het leren van de taal – “Nederlanders hebben ongelijk: hun taal is prachtig!”

Leer de taal, raadt ze de bezoekers aan – haar woorden vertaald door een Arabische en Eritrese tolk. “Het breekt muren af en zorgt ervoor dat je niet ontkend en genegeerd wordt.”

Dan wordt er in een kring gedanst, afgesloten met een wave.

Dominique uit Zuid-Soedan komt bezweet binnen. Hij was te laat voor de opening en viel direct in een workshop: “I jumped into basket.” Morgen heeft hij een examen Nederlands, al twee jaar is zijn leven gericht op inburgering. Ook Dominique werd door een contactpersoon van Vluchtelingenwerk naar de Doe-markt verwezen. Hij wrijft over zijn gezicht, misschien doet hij nog een workshop, nu eerst even rondkijken.

Voor transgenders is de asielprocedure ingewikkeld

Haifa die Arabisch en een beetje Turks spreekt, is hier eveneens op uitnodiging van Vluchtelingenwerk. Ze vindt de sfeer hier leuk, laat ze via een bezoeker die vertaalt weten. Misschien kan ze vrienden maken. Haifa’s maatje Erwin, wijkvrijwilliger, vertelt dat de asielprocedure voor LHBTI-personen – Haifa is transgender – behoorlijk ingewikkeld is. En wanneer je geen Nederlands spreekt, maakt dat het sociale leven niet eenvoudiger.

Even later zit Haifa te kletsen met Erwin en Ayman die hier ook met Erwin is. Ayman komt ook op de Doe-markt om te praten, eigenlijk “voor alles” – zegt hij met een armzwaai.

Inaam Heyouf, klantmanager statushouders van de Gemeente Amsterdam, vertelt dat veel van haar cliënten geïsoleerd leven. Ze heeft hen gewezen op de Doe-markt: “Niet direct om werk te vinden, maar voor een nieuwe ervaring, al is het maar voor een glimlach.” De statushouders die hun leven op orde hebben, komen wel uit zichzelf. Maar de groep voor wie inburgering lastiger is, vindt het prettig om haar hier te zien: “Dan weten ze dat het vertrouwd is.” Ze zag vandaag al veel van haar cliënten. Intussen presenteert Montse van De Havelaar gevulde wijnbladeren.

De Syrische Maryam moet bekennen: ze vindt het Nederlands moeilijk. Haar vriendin Heba beaamt het lachend. Ze zijn hier met z’n drieën, Rahma is even buiten. Het lastige is, zeggen ze terwijl ze hun dochtertjes knuffelen: ze hebben geen contact met Nederlanders. Maar Maryam komt net uit de workshop Taalmaatje, en begint in september met een cursus Nederlands.

Op een podium wordt druk getrommeld – de workshop djembé.

Annemiek Winder van de stichting Vrouwen Vooruit is niet ontevreden. Al twee vrouwen hebben zich aangemeld voor een cursus die in juli start. In de zomer is er weinig te doen voor wie niet op vakantie gaat, en vrouwen vertellen Annemieke dat ze het Nederlands dreigen te verleren in de lange zomerperiode. Dus de cursus voorziet in een behoefte.

Khaled heeft een kapot been ‘van de bommen’

Het is tijd voor de barbecue. Buurtwerker Niels grilt zich het zweet op het voorhoofd, slingers met worstjes liggen naast te poffen aardappelen. Even later eten bezoekers aan lange tafels onder de avondzon. Dominique loopt met zijn bordje naar binnen. Op een bankje onder een boom redderen Maryam, Heba en Rayma met hun kinderen.

Alma uit Eritrea eet met twee vriendinnen. In een workshop heeft ze het WijkWelkomstBoekje voor nieuwe buurtbewoners bemachtigd, “met een gratis bon voor de sauna!” Haar vriendinnen zijn niet op de Doe-markt geweest, ze komen hun kinderen ophalen die hier buiten spelen. Khaled -Palestijn- zit met een vriend op een bankje. Hij heeft een kapot been, “van de bommen”, ook zijn arm is geopereerd, en zijn gezicht. Het valt niet mee om dan in te burgeren, maar hij wil de taal graag leren.

Wanneer je tijdens het eten vanuit De Havelaar op zou stijgen, en vanuit grote hoogte een infrarode foto zou maken, zou je een gemarkeerde plek zien: Een concentratie van warmte – niet uitsluitend veroorzaakt door de zon en de grill van de BBQ.